terug naar index
Roemans, Robert

(Gent, 14.04.1904 - Vorst, 29.02.1968)

Leraar, bibliograaf, bezorger van tekstedities. Hij werd geboren in Bijlokevest (= Godshuizenlaan). In april 1909 verhuisde hij mee naar de Ham. Zijn jeugd bracht hij door in Zomergem maar vanaf zijn 12de jaar en gedurende zijn studietijd in Gent verbleef hij bij zijn grootvader in de Twaalfkamersstraat. Na de humaniora in het Koninklijk Atheneum, studeerde van 1922 tot 1926 Germaanse Filologie aan de Gentse universiteit (waar o.m. Jozef Vercoullie, Gaston Colle, Henri Pirenne en Karel van de Woestijne zijn professoren waren). Hij promoveerde tot doctor in de Wijsbegeerte en Letteren op een proefschrift Jan Frans Willems : leven, werk, strijd. Na zijn militaire dienst werd hij leraar aan het atheneum te Malmedy (waar ook Filip de Pillecyn lesgaf) en naderhand te Aalst, Vorst (waar hij van dan af woonde) en Brussel, en aan de rijksnormaalscholen te Mechelen, Laken, Nijvel en Lier. Na zijn pensionering bleef hij lesgeven, aan de Provinciale Bibliotheekschool van Brabant (waarvan hij medestichter was) en aan het Nationaal Radio- en Filminstituut te Vorst.

Zijn proefschrift over Willems leidde tot het inzicht dat de voordien door Max Rooses opgestelde lijst van Willems’ werken onvolledig was en die onvolledigheid stelde hij ook vast wat de Vlaamse literatuur- en cultuurgeschiedenis in het algemeen betrof. Daarom zou hij zich in zijn vrije tijd wijden aan bibliografisch werk. Hij werd in eerste instantie aangetrokken door de literaire tijdschriften waarin zoveel waardevol, maar moeilijk achterhaalbaar materiaal bedolven lag, dat ongebruikt bleef. In 1930 verscheen de eerste aflevering van de Bibliographie van de moderne Vlaamsche literatuur, 1893-1930. Eerste deel: De Vlaamsche tijdschriften. In de volgende vier jaar verschenen nog negen afleveringen en zo groeide de bibliografie uit tot een (succesrijk want op korte tijd uitverkocht) boek van 1.000 bladzijden waarin de inhoud van 60 tijdschriften met 40 pagina’s namenregisters werd ontsloten. In 1960 kon Roemans – dank zij de belangstelling van Lou Nagels, directeur van uitgeverij Heideland – het werk voortzetten, samen met Hilda van Assche. Na Roemans’ overlijden zette Van Assche de reeks (die reeds 14 delen telde) voort en breidde ze in 1972 uit tot jaardelen waarin ook de Nederlandse tijdschriften werden opgenomen; tot 1996 gebeurde dat samen met Richard Bayens en vanaf 1985 met Peter de Bode voor de Nederlandse tijdschriften. Uiteindelijk verschenen 14 gedrukte jaardelen. Vanaf 2000 wordt de Bibliografie van de literaire tijdschriften in Vlaanderen en Nederland (BLTVN) voortgezet op het internet (http://bltvn.kb.nl).

Roemans’ werk omvat meer dan deze tijdschriftenbibliografie. Hij bezorgde (vooral voor het onderwijs) o.m. uitgaven van de abele spelen Esmoreit, Gloriant en Lanseloet van Denemarken en hij publiceerde personenbibliografieën van minstens veertig woordkunstenaars en geleerden, o.m. van Franz de Backer, Robert Foncke, Paul de Keyser, Floris van der Mueren, Leo van Puyvelde, Augst Vermeylen, Willem de Vreese en Karel van de Woestijne. Met Hilda van Assche schreef hij voor de reeks Vlaamse pockets een levensbeeld van Camille Huysmans en van Frans van Cauwelaert, gebaseerd op persoonlijke getuigenissen en eigen werk. Bovendien bezorgde zij drie bundels taalkundige kroniekjes, verzameld uit het werk van Jan Grauls. Ook in deze werken is de bibliografie steeds aanwezig.

Opvallend bij dat alles is dat we lijnen kunnen trekken die Roemans verbinden met Jan Frans Willems: hij inspireerde Roemans voor zijn (levenslang volgehouden) bibliografisch werk, beiden waren verdedigers van de Vlaamse taal en literatuur, beiden publiceerden Middelnederlandse teksten met respect voor het handschrift en beiden woonden een tijdlang in Gent.

[Hilda van Assche]

Over R. Roemans: