terug naar index
Trenteseau, Max

(Gent, 02.12.1876 - Gent, 30.12.1941) 

Gentse handelaar, muzikant en muziekleraar, toondichter van kunst-, volks- en kinderliederen (zo tekende hij zijn brieven) en auteur van Gentse verhalen. Hij was tevens stichter en bestuurder van Muziekonderwijs voor het Volk (gevestigd aan de Nederkouter) dat kosteloos avondlessen organiseerde – én oprichter van Hoop en Liefde (gesticht rond 1930)  ter bevordering van het beroepsonderwijs voor (o.m. gezichts-)gehandicapten.
Als voorman van het activisme sloot hij zich aan bij de Vlaams Nationale Partij. Vanuit die gezindheid toondichtte hij De Vlaming heeft geen taal op tekst van Karel Lodewijk Ledeganck, waarin voor “den Waal” gewezen wordt op “Grootsche namen uit Vlaandrens dichtentaal”.

M. Trenteseau en Gent

Sedert zijn geboorte woonde hij in de Agnetestraat. In 1881 verhuisde hij naar de Wijngaardstraat waar hij (met korte tussenpauzen in de Yperstraat, de Noordstraat en de Begijnhofstraat) zou wonen tot zijn huwelijk in 1901, dan verhuisde hij naar de Nederkouter. In 1916 treffen we hem in de Bestormstraat. In 1941, enkele maanden voor zijn overlijden, verhuisde hij nog naar de Stoppelstraat.

Gentsche typen : folkloristische verhalen (vermoedelijk uitgegeven rond 1930) is waarschijnlijk zijn  enige literaire werk. Het is een verzameling van 11 volkse kortverhalen over de fratsen van “kluchtigaard” Jantje Pek, zoon uit de herberg “In de Oranjeboom” in de Holstraat. De verhalen spelen zich nagenoeg alle af in het negentiende eeuwse Gent. Het proza, in algemeen Nederlands, is gelardeerd met plaatsnamen in het Gents dialect (bv. “de Kijter”, Kouter), met Gentse uitdrukkingen (bv. “vioolkrabber”, violist en “extrement”, instrument) en met typische volkse benamingen (bv. “Stee van de Vodden” en “Sidenie de Pokkenmuile”).

[Lieven Vanoverbeke]

Over M. Trenteseau: