terug naar index
Vlaanderens Kunstdag 1911

Massaal bijgewoond kunstfeest in Gent, op 16 juli 1911, waarmee de organisatoren het Gentse stadsbestuur en de regering wilden tonen dat de Vlamingen nog bestonden, wie en hoe talrijk ze waren. Men wilde de bevolking eraan herinneren dat zij een eigen cultuur had. Maar vooral was deze manifestatie bedoeld om de eis tot vernederlandsing van de Gentse universiteit kracht bij te zetten. Dàt thema zou de ganse dag weerklinken, in alle manifestaties en toespraken.  

Uit correspondentie blijkt dat Alfons Sevens – overtuigd flamingant, journalist en auteur – de bezieler en de mede-organisator was van deze manifestatie, en dat hij in Pol de Mont – eveneens journalist en auteur – een medestander van het eerste uur vond.  

Talrijke Vlaamse auteurs hadden een belangrijk aandeel in het tot stand komen én in het verloop van deze feestdag die begon om 9u met een algemene vergadering van de Vereniging van Vlaamse Letterkundigen, onder voorzitterschap van August Vermeylen. 

Vanaf 10u heerste er in de stad een grote drukte die duurde tot laat in de nacht. Klokke Roeland kon niet luiden wegens herstellingswerken aan de toren van het Belfort. Hij werd vervangen door bazuinen aan het station, in straten en pleinen, zelfs op de toren van Sint Baafs. Muziekcorpsen vulden de stad. Er was geleid bezoek van het stadhuis, het Gravensteen en de ruïnes van de Sint-Baafsabdij. 

Vanaf 11u verzorgde de Vereniging voor Vlaamse Toneel- en Voordrachtkunst in de Vlaamse  Schouwburg (het huidige NT-Gent op het Sint-Baafsplein), onder de leiding van Oscar de Gruyter, een gratis voorstelling met poëzie, voorgelezen maar ook gebracht door Gentse koren.  

Ondertussen trokken de “officiëlen” naar de  “Grote Schouwburg” (het huidige operagebouw in de Schouwburgstraat) waar zich, naast politici, musici, schilders, beeldhouwers en bouwmeesters, ook het puik van de Vlaamse literatuur had verzameld met o.m. Stijn Streuvels, Emmanuel de Bom, Herman Teirlinck, August Vermeylen en Victor de La Montagne. Zij werden er toegesproken door Max Rooses (die handelde over de Vlaamse kunst), Maurits Sabbe (over de muziek) en Pol de Mont (over de literatuur).  

Na de middag trok een feestelijke stoet door de stad, met 50 muziekkorpsen en 450 maatschappijen en Vlaamse kamers van retorica. Men zag Julius Hoste defileren met een banderol voor de vervlaamsing van de Hogeschool; duizenden luidruchtige studenten ondersteunden die eis.   

Vervolgens werd, vanaf een tribune op het Sint-Baafsplein, een onoverzichtelijk grote menigte toegesproken door Louis Franck, Camiel Huysmans en Frans van Cauwelaer. Pol de Mont bracht er hulde aan Alfons Sevens die – aldus Karel van de Woestijne – “dit alles bijna gans alleen heeft ingericht en teweeggebracht”. 

‘s Avonds, tijdens een volksbanket, nam Edward  Anseele – die van de organisatoren ‘s morgens geen gelegenheid tot spreken had gekregen – het woord. De dag werd beëindigd met een Volksbal op de Kouter. En overal klonk de eis om een Vlaamse Hogeschool. 

Reusachtige Antwerpse en Brusselse groepen, bijeengebracht op initiatief van Florimond van Duyse, verzorgden op de Kouter een “Liederavond”. Zij leerden er het volk Vlaamse liederen. 

De pers versloeg het feest van 9u 's morgens tot laat in de nacht. Karel van de Woestijne berichtte in de Nieuwe Rotterdamsche Courant uitvoerig over wat hij  noemde “een triumphdag (…) zoals ik er weinig mocht beleven ”. Hij maakte gewag van 100.000 aanwezigen die Gent overrompelden. Daaronder 25.000 deelnemers uit Antwerpen en 18.000 uit Gent.

[Nicole Verschoore en Frans Heymans]

Over Vlaanderens Kunstdag :