kleine, niet te bedaren bruid met onder / je bed nog al je minnaars van vroeger / morsig feestvarken (...) / geschept uit de placenta van Leie en Schelde

Roel Richelieu van Londersele (2003)

Terug naar index

NEVILLE, SYLAS

(Londen, 1741 - Norwich, 1840)

Engels natuurkundige, arts en reiziger; deed op zijn ‘grand tour’ over het Europese continent in december 1777 ook Gent aan; zijn reisindrukken werden pas in 1950 met zijn dagboeknoties gepubliceerd in The diary of Sylas Neville, 1767-1788.

De Britse geneeskundestudent Sylas Neville verbleef achtereenvolgens in Great Yarmouth (vanaf 1768), Edinburgh (1772-1776) – waar hij geneeskunde studeerde – en Norwich (vanaf 1783). Daar probeerde hij zijn beroep van geneesheer uit te oefenen, maar hij verkeerde voortdurend in financiële moeilijkheden en stierf berooid. Zijn reisdagboeken en notities werden evenwel bewaard door het Norfolk Record Office: Diaries, letter books, accounts, MS and papers relating to Sylas Neville, with other letters etc. of Douglas family, John Gifford and Miscellaneous.

Neville maakte met zijn vriend John Gifford in 1777 een reis over het Europese continent, de zogenaamde ‘grand tour’ met bestemming Italië. Ze vertrokken uit Londen naar het Nederlandse Hellevoetsluis, waar ze op 17 oktober 1777 aankwamen. Vandaar ging het via de grote steden Rotterdam, Den Haag, Leiden, Haarlem, Amsterdam, Utrecht, en over Rijsel (toen groter dan Brussel) naar Parijs en vandaar richting Italië. Een uitgebreide tocht, want Sylas Neville arriveerde pas in 1780 weer in Engeland. Totaal onverwacht overleed Gifford in 1778 nabij Tivoli in Italië.

Beide reizigers maakten aantekeningen tijdens hun reis: Gifford noteerde in zijn Journal slechts over een beperkt gedeelte van de tocht, Neville ging systematischer te werk en zijn impressies bleken veel kleurrijker. Maar op latere leeftijd censureerde hij zelf politiek gevoelige en soms compromitterende informatie in zijn manuscript; hij was een radicale democraat en stond zeer kritisch tegenover de Engelse monarchie, kolonialisme en slavernij. Die schrappingen werden na Nevilles dood evenwel hersteld door dominee Francis Howes (?-1844), verbonden aan de Norwich-kathedraal.
Na enige omzwervingen belandden Nevilles dagboeken in de handen van Basil Cozens-Hardy (1885-1976) die het handschrift redigeerde voor druk. Maar het duurde nog tot 1950 vooraleer bij Oxford University Press The diary of Sylas Neville 1767-1788 werd uitgebracht; een exemplaar bevindt zich in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience te Antwerpen. De notities liepen van 26 januari 1767 tot 9 augustus 1788 en bevatten alle aantekeningen van Sylas Neville, uitgezonderd die uit 1777-1780, precies de reisperiode van de ‘grand tour’, waarvan de uitgever enkel een samenvatting opnam.

Sylas Neville en Gent

Omstreeks december 1777 reisden Sylas Neville en John Gifford door België en bezochten er Antwerpen, Brussel, Gent en Kortrijk. Gepland was één dag in Gent, op 1 december, maar Neville getuigde die avond in zijn verslag: “We vonden Gent zo’n prettige stad dat we het niet over ons hart konden verkrijgen vandaag al te vertrekken.”
Neville noemde hun verblijfplaats [het Sint-Sebastiaanshof aan de Kouter] het beste hotel van de Lage Landen, met wijn in koelers op tafel en elke vrijdag vis, met fijn linnen opgemaakte bedden en militaire muziek op het plein s’avonds, na de militaire exercities overdag.
Ook de “treckschuyt” (barge) tussen Brugge en Gent droeg zijn bewondering weg.

Beide vrienden bezochten niet enkel de toeristische trekpleisters, zoals de “magnifieke” Sint-Baafskathedraal en de Sint-Pietersabdij met de bibliotheek; die beschreef Neville als “een prachtige ruimte met een schitterend uitzicht”. Ze brachten ook een bezoek aan de “goed geoutilleerde” gevangenis en inspecteerden soldatenkamers in de kazerne. Tijdens hun bezoek aan het Bijlokehospitaal viel hen vooral het “bijzonder eikenhouten plafond” op, “Het is al vijfhonderd jaar oud en oogt als nieuw.”

In schril contrast daarmee bevonden ze het geboortehuis van Keizer Karel in het Prinsenhof bouwvallig en begrepen ze niet dat de stad zelfs toestond dat de nieuwe eigenaar de kapel ervan mocht slopen.
Neville was een groot theaterliefhebber en hij woonde met Gifford dan ook een dansavond bij in de Gentse schouwburg [opera]. Maar een botte Vlaamse poppenkastvoorstelling elders en andere stuitende vormen van vermaak in een ‘discrete’ herberg ervoer hij als uiterst onaangenaam. Gelukkig konden de culinaire Gentse geneugten hem wel bekoren.

[Jean-Paul den Haerynck]

Over Sylas Neville

  • Basil Cozens-Hardy (ed.): The diary of Sylas Neville 1767-1788 (1950), vooral p. 257-264
  • Clarence L. Ver Steeg: The diary of Sylas Neville 1767-1788, edited by Basil Cozens-Hardy, in: Journal of American History, jrg. 38, 01.06.1951, p. 101–102
  • John J. Murray: The Diary of Sylas Neville, 1767-1788 by Basil Cozens-Hardy (Book review), in: Indiana Magazine of History, jrg. 47, nr. 2 (juni 1951), p. 227-231, zie https://www.jstor.org/stable/27787952
  • Sylas Neville: Neville Diaries and Papers (Norfolk Record Office, nr. 153, ref. NRA 20674 Neville, acquisition 3 & 10.10.1974) – zie op internet:
    https://discovery.nationalarchives.gov.uk/details/r/79b46234-11a5-4d41-8956-48d2071befaa
    (geraadpleegd 20.02.2021)
  • Kees van Strien: De ontdekking van de Nederlanden: Britse en Franse reizigers in Holland en Vlaanderen, 1750-1795 (2001), p. 147 en 155-156